Volgens het Cold Storage-rapport van het USDA bedroegen de Amerikaanse botervoorraden eind september 295,7 miljoen pond, 16,5 % meer dan een jaar eerder. Het tempo achter dat cijfer zegt meer dan het cijfer zelf.
Normaal bereiken de voorraden laat in het voorjaar hun hoogtepunt en nemen ze in de herfst af, wanneer de vraag voor het bakken rond de feestdagen aantrekt. Dat gebeurt nu ook, alleen veel trager. Tussen eind juli en eind september verliet 36,7 miljoen pond de Amerikaanse koelhuizen, tegen 77,6 miljoen vorig jaar, 49,5 miljoen in 2024 en 62,7 miljoen in 2023. Eind juli lagen de voorraden nog vrijwel gelijk met vorig jaar; twee maanden later was het verschil opgelopen tot 41,8 miljoen pond.
Juist de prijscontext maakt dit opvallend. De forse afbouw van vorig najaar viel samen met een CME-spotprijs voor boter die week na week daalde, zodat kopers het steeds goedkopere product afnamen zodra het binnenkwam. Dit jaar was de prijsdaling al vóór het afbouwseizoen achter de rug, liggen de boterprijzen onder het niveau van vorig jaar, en toch dalen de voorraden maar half zo snel. Met een Amerikaanse melkproductie die in september 2,6 % hoger lag dan een jaar eerder, is er geen gebrek aan room om te karnen.
Als de rest van het jaar de afbouw van september tot december van vorig jaar volgt, sluiten de VS 2026 af met zo’n 230 miljoen pond in opslag, 22 % meer dan afgelopen december. Zelfs het snellere tempo van 2024 zou nog ongeveer 207 miljoen overlaten.
De kaasvoorraden daalden ongeveer even sterk als vorig jaar, maar de samenstelling verschoof: de voorraden kaas van het Amerikaanse type daalden met meer dan het dubbele van de daling in september vorig jaar en liggen 1,6 % onder het niveau van een jaar eerder, terwijl de voorraden van andere kaassoorten verder opliepen en 7,7 % hoger liggen.
Lees de volledige analyse van de Amerikaanse zuivelmarkt hier.


