ZuivelDuitslandNederlandFrankrijkVerenigde StatenNieuw-Zeeland

Boteroverschot groeit terwijl zuivelproteïnen krap worden

Boter stapelt zich op in Europa, de VS en Nieuw-Zeeland, terwijl mageremelkpoeder krapper wordt door sterke vraag en de zuivelmarkt twee kanten op trekt.

Jasper Endlich
Jasper EndlichAnalist zuivel en oliën
26 augustus 20262 min leestijd

De zuivelmarkt wordt op dit moment twee kanten tegelijk op getrokken. Boter zit vast in een hardnekkig overschot in Europa, de VS en Nieuw-Zeeland, die alle drie meer produceren dan ze binnenlands kwijt kunnen, terwijl mageremelkpoeder juist de andere kant op is gedraaid en snel krapper wordt omdat de vraag naar proteïne het aanbod voorbijstreeft.

De boterprijzen zijn het afgelopen jaar met ruwweg 40 % gedaald, en er is weinig reden om een snelle ommekeer te verwachten. De productie is in elke grote regio gestegen, de koelhuisvoorraden in de VS lopen weer op naar het niveau van vorig jaar, en de melkaanvoer in Nieuw-Zeeland houdt de beschikbaarheid van boter ruim, zelfs bij gezonde vraag uit Azië. Een korte opleving van de Europese roomprijzen heeft de kostprijs van verse boter recent verhoogd, maar met zoveel boter die onder dat niveau op de plank ligt, bleef de markt afgetopt. Het punt om in de gaten te houden is verse boter, die iets vaster kan worden dan bevroren boter, maar het bredere beeld over de regio’s heen is stabiliteit op een laag niveau.

Bij proteïne is het verhaal precies omgekeerd. Mageremelkpoeder is in dezelfde periode met ongeveer een derde tot ruim 40 % gestegen, afhankelijk van de regio, doordat de druk vanuit vraag en aanbod tegelijk toesloeg. De Amerikaanse droogtorens komen grondstof tekort, omdat meer melk naar andere proteïneproducten gaat, zoals MPC, geultrafiltreerde melk en gecondenseerde melk, in plaats van naar mageremelkpoeder. Dat heeft de Amerikaanse prijzen ver boven de rest van de wereld getild. Ook Europa kent eigen aanbodsdruk: de aanvoer van rauwe melk is teruggelopen door hogere temperaturen, en de marge tussen mageremelkconcentraat en mageremelkpoeder is vrijwel verdwenen. Inkopers, die aanvoelen dat de prijzen vanaf hier alleen nog omhoog kunnen, hebben zich in de markt gedrongen om dekking veilig te stellen, al blijft het de vraag of de onderliggende melkaanvoer werkelijk krap is.

Vollemelkpoeder zit daartussenin. De wereldprijzen trekken bescheiden aan, en Nieuw-Zeelands vollemelkpoeder handelt inmiddels bijna op pariteit met mageremelkpoeder, een ongebruikelijke constellatie die eerder de sterke vraag naar mageremelkpoeder weerspiegelt dan een aantrekkende vraag naar vollemelkpoeder zelf. Europees vollemelkpoeder houdt nog steeds een premie, maar dat komt minder doordat inkopers vollemelkpoeder willen en meer doordat producenten liever boter en mageremelkpoeder maken.

De grotere vraag is wat dit alles betekent voor de melk zelf. De aanvoervolumes van de komende drie maanden zouden moeten bepalen waar de bredere zuivelmarkt uitkomt, en wat er nu met de uitbetalingen voor proteïne gebeurt, kan de economie van de sector nog lang bepalen.